top of page

vanaf de lagere schoolleeftijd of vroeger

Er kunnen verschillende problemen op het gebied van voeding en gewicht optreden in de loop van de ontwikkeling van kind naar volwassene. Hier geven we een overzicht van een aantal eetstoornissen die kunnen voorkomen bij kinderen:

Selectieve eetstoornis

Dit betreft kinderen die blijven hangen zijn in het neofoob gedrag (angstig zijn voor nieuwe zaken) dat in de normale eetontwikkeling van peuters en kleuters voorkomt. Van het voorkeursvoedsel eten ze vaak voldoende tot grote porties. Dit maakt dat als het voorkeursvoedsel voldoende calorierijk is, er geen ondergewicht zal zijn. Door de eenzijdige voeding kunnen er wel nutritionele tekorten ontstaan.

Vaak worden deze kinderen aangemeld op de lagere schoolleeftijd maar blijkt het probleem al sinds de peuter- of kleuterleeftijd te bestaan. De ouders verwachtten vaak dat hun kind met het opgroeien minder selectief zou gaan eten, doch er heeft zich mettertijd een zeer selectief eetpatroon geïnstalleerd. Op de lagere schoolleeftijd wordt dit probleem benadrukt doordat het kind op schooluitstappen of kampen amper iets eet aangezien het voorkeursvoedsel vaak niet of onvoldoende aanwezig is. Frequent gaat het kind kokhalzen of vertoont het een neiging tot braken wanneer het toch het voedsel waar het een afkeer van heeft moet eten.

Critera:
 

  • Een beperkte voedselvariatie gedurende ten minste 2 jaar

  • Onwil om nieuw voedsel te proberen

  • Geen abnormale cognities wat betreft gewicht of lichaamsbeeld

  • Geen angst voor slikken of braken

  • Gewicht kan hoog, normaal of laag zijn

Restrictieve eetstoornis

Dit betreft kinderen die altijd kleine eters geweest zijn, vaak zijn het ook prematuur geboren kinderen. Ze hebben zich altijd onderaan de gewichts- en lengtecurve bevonden. Op zich eten ze wel gevarieerd. Wanneer er rond het einde van de lagere schoolleeftijd of in de beginnende puberteit een grotere energiebehoefte ontstaat komen ze in de problemen. Door de kleine porties wordt de energie-inname niet meer gedekt, er ontstaat ondergewicht en de groei stagneert.

Critera:
 

  • Altijd kleine hoeveelheden gegeten

  • Te klein en te licht

  • Kind komt in de problemen tijdens de puberteit wegens grotere energiebehoefte

  • Geen anorectische cognities

Functionele Dysfagie

Bij een functionele dysfagie is er een angst om te slikken, te stikken of te braken, waardoor het kind vermijdingsgedrag gaat vertonen. Vaak begint het na een trauma, zich verslikt hebben, na een ingreep in de oro-oesophageale regio of na een ziekte met braken. Soms is er alleen vermijding van vast voedsel en lukt het nog om vloeibare dingen in te nemen. De voedselvermijding kan tot een ernstig ondergewicht leiden. Doordat het kind lichamelijke klachten aangeeft (gevoel niet te kunnen slikken, gevoel dat er ‘iets in de weg zit’, gevoel snel vol te zitten), gebeuren er meestal een aantal lichamelijke onderzoeken.

Critera:
 

  • Voedselweigering

  • Angst om te slikken, te stikken of te braken

  • Geen abnormale cognities of overdreven preoccupaties wat betreft gewicht of lichaamsbeeld

  • Geen organische hersenziekte of psychose

Food avoidance emotional disorder

FAED wordt vaak gezien als een somatoforme stoornis, de kinderen hebben vaak andere lichamelijke klachten die het gewichtsverlies kunnen verklaren en hebben ook andere emotionele problemen. Het kind deelt vaak de zorgen van de ouders rond het ondergewicht en is bereid tot sondevoeding om de energie-inname op te krikken. Het overschakelen naar gewone voeding verloopt echter zeer moeizaam zolang de emotionele problemen aanwezig blijven.

Critera:

 

  • Voedselweigering, niet primair aan een affectieve stoornis toe te schrijven

  • Stemmingsstoornis die niet aan de DSM-criteria voldoet

  • Gewichtsverlies

  • Geen abnormale cognities of preoccupaties wat betreft gewicht of lichaamsbeeld

  • Geen organische hersenziekte of psychose

Pervasive refusal syndrome

Hierbij heeft men verschillende weigeringssymptomen, niet alleen voedselweigering maar ook schoolweigering, niet instaan voor de persoonlijke hygiëne, niet meer stappen, selectief mutisme,…

Het zou ook gezien kunnen worden als een extreme variant van vermijdingsgedrag zoals bij een posttraumatische stress-stoornis, vb na seksueel misbruik.

Critera:
 

  • Voedselweigering en gewichtsverlies

  • Zich terugtrekken uit sociale contacten en schoolweigering

  • Gedeeltelijke of volledige weigering wat betreft twee of meer van de volgende domeinen: mobilisatie, spraak, of aandacht voor persoonlijke verzorging

  • Geen somatische of psychische conditie biedt voldoende verklaring voor het toestandsbeeld

Early Onset Anorexia Nervosa

Anorexia nervosa is een ziekte die zich typisch vanaf de leeftijd van ongeveer 14 jaar manifesteert. Er wordt echter een verschuiving gezien naar een jongere ontstaansleeftijd, en steeds vaker worden kinderen op het einde van de lagere schoolleeftijd met deze ziekte geconfronteerd. Een aantal factoren spelen hierin een rol: vroeger optreden van de puberteit, invloed van de media, perfectionisme, maatschappelijke druk,…

Voor de criteria maken we graag gebruik van die van Nicholls voor de British National Surveillance study..

Critera:
 

​Bewuste voedselvermijding en minstens 1 van de volgende:

  • Gewichtsverlies of er niet in slagen in gewicht bij te komen in een periode van verwachte groei

  • Angst voor gewichtstoename

  • Preoccupatie met gewichtstoename of energie-inname

  • Zelfopgewekt braken

  • Overmatige beweging

  • Herhaalde periodes van eetbuien of misbruik van laxativa

Dat het ontstaan van deze ziekte op jonge leeftijd een ernstige lichamelijke impact heeft, hoeft geen betoog. Kinderen worden getroffen in een cruciale ontwikkelingsfase op gebied van groei en hormonale veranderingen.

Anorexia
Pervasive refusal
Food avoidance
Functionele Dysfagie
Restrictieve eetstoornis
Selectieve eetstoornis
bottom of page